Steden geven noodgeld uit
Om zoveel mogelijk aan de behoefte aan kleingeld te voldoen, stond het Rijksdepartement van Financiën ook aan de gemeenten toe zelf betalingsmiddelen uit te geven en zo werd het noodgeld geboren. De uitgifte van die nieuwe betalingsmiddelen stond natuurlijk onder controle van de gemeentebesturen; elk biljet werd genummerd en voorzien van de handtekening van burgemeester of van de gemeenteraad. Het totaalbedrag van de in omloop te brengen biljetten werd door de overheid vastgesteld. Het waren eenvoudige schuldbewijzen van de gemeenten en er moest rekening mee gehouden worden, dat bij stabilisering van de Duitse mark het uitgegeven noodgeld weer tegen wettige betaalmiddelen moest worden ingewisseld. Een gemeente, die te veel noodgeld in omloop bracht liep gevaar op een gegeven moment haar verplichtingen niet te kunnen nakomen, zoals elk particulier loopt, die aan cheques meer uitschrijft dan zijn banktegoed bedraagt. Later bleek evenwel, dat de garantie niet zo drukkend was, toen de mark het wettig betaalmiddel zelf in waarde daalde en tenslotte waardeloos werd. Maar dat kon men toen niet vooruit weten en het is niet aan te nemen, dat de gemeenten op die waardebepaling van de mark gespeculeerd hebben. Er waren verschillende soorten noodgeld in omloop. Op de website van Reinhard Tieste kun je veel vinden. Geld van toenmalige krijgsgevangenkampen, het zogenaamde Kriegsgefangenlager, Militärausgaben, Verkehrausgaben, Großgeld, het geld van de koloniën en natuurlijk de Serienscheine. Het is te veel om op te noemen, maar men kan op deze site noodgeld kopen. https://www.tieste.de